Solidarisme.be

twitter 64x64rss 64x64facebook 64x64

Home

Wednesday16 August 2017

Monday, 18 February 2013 17:46

Communisme bestrijden: weet tegen wat je vecht

Written by 

Opdat men zich niet zou beperken tot gemeenplaatsen in de strijd tegen het communisme, zoals sommigen bij rechts dat graag doen (door een gebrek aan ideologisch inzicht en vorming), heb ik onderstaande tekst geplaatst. Deze tekst is al enkele jaren oud en is gebruikt bij een lezing waarbij Alain Soral en ik onze ervaringen bij links hebben toegelicht. Dat deze ervaringen niet meer zouden gelden als men over de PVDA van vandaag spreekt, is een grove fout. De ontslagbrief van de ex-voorzitter van Rood, Erik De Bruyn, spreekt dat tegen. Hij heeft het over een sekte als hij het over de PVDA heeft. Hetgeen een communistische partij ook is.

Het zou voor hen die zich rechts-revolutionair noemen nuttig zijn zich terdege te informeren over de aard van de vijand. Want een vijand is het communisme wel degelijk, zeker voor nationalisten. Veel nuttiger je daarover te informeren dan een belgicist zijn uitleg te horen geven over de Waalse rechterzijde, waarbij ik mij de vraag stel of de Belgische vlag de zaal zal sieren tijdens de vorming, zoals dat ook tijdens een recente betoging in Parijs het geval was.

Van enige waarde voor de anti-communistische strijd zijn dergelijke vormingen niet. Afgezien van het grappige feit dat de spreker van deze vorming net als de PVDA de Belgische driekleur hanteert. Misschien kan men ook de PVDA een forum geven? Als ik het lofschrift bij de dood van Ludo Martens (stichter en leider van AMADA-PVDA) er op nalees, geschreven door de hoofdschrijver van Rechtsactueel.eu, dan is dit helemaal niet denkbeeldig. Daarom dus enig tegengif met onderstaande tekst. Misschien is het ook een waarschuwing voor hen die zich in nationalistische middens zo vlug tekortgedaan en zo rap gekrenkt voelen. Zij die het communisme wil bevechten, verman je! Anders wordt 1968 overgedaan.

Maar deze keer zal het nog veel erger worden.

 


1968, het revolutionair jaar - vol magie. Ik ben dan al vier jaar arbeider, voor mij  bestaat die magie niet. Op het werk, in mijn omgeving is en blijft alles gewoon draaien een leven zonder revolutie. Die revolutie speelt zich dan ook af in een andere wereld dan de mijne. Toch ga ik uit nieuwsgierigheid op een avond luisteren naar studentenleiders die in mijn jeugdclub komen spreken over de revolutionaire strijd die blijkbaar plaatsheeft aan de universiteiten. Daar hoor ik Ludo Martens en Paul Goossens, twee oprichters van de Derde Wereld Beweging en van AMADA voor het eerst spreken. Ik neem contact op met de plaatselijke afdeling, het is een studentikoos gedoe waar ik mij niet in thuisvoel. En dus blijft het bij een los contact. Ik doe mijn legerdienst. Tijdens mijn legerdienst zoek ik opnieuw contact met die groep in Oostende, omdat ik gefascineerd ben geraakt door China en Mao en merk op dat er iets is veranderd in de sfeer en de mensen daar. De groep studenten vormen nu een min of meer communistische groep die marxistische werken bestudeert en het maoïsme als leidraad neemt. Ik ben een leek, ik weet niets van ideologie, niets van filosofie en - buiten dat ik veel moet werken voor weinig geld - weet ik ook niks van economie. Ik ben de enige arbeider in de groep. In het grotere geheel van de beweging zijn er nog geen tien arbeiders die lid zijn. Ze noemen me daarom Eddy de arbeider. Dat tekort aan echte arbeiders wordt verholpen door studenten naar de fabrieken te sturen om er als arbeider te gaan werken.

Ik studeer… De groep ondersteunt mij op alle mogelijke manieren. Ze geven mij boeken te lezen, als ik vragen heb wordt er alles aan gedaan om die te beantwoorden. Zo leer ik vlug de marxistische doctrine. Mijn leven is nu gericht op studie en onderzoek. Ik leer pamfletten schrijven, in het publiek  spreken. Kort daarna al vertegenwoordig ik de groep op debatavonden en vormingsavonden. Ik ga meerdere keren op mijn bek, maar daar hebben mijn kameraden geen medelijden mee. "Voorgaan in de strijd is de plicht van een communist".

De leiders van de beweging willen na enige tijd de beweging nog meer omvormen tot een echte communistische partij. Ze vonden dat wat tot hiertoe op poten stond te zwak. We moeten Lenins boek “Wat te doen?” lezen. Dat gaat over communistische partijopbouw. Ik was intussen dialectisch gevormd en was een keiharde voorstander van de oprichting van een leninistische partij.

Tot mijn grote verbazing haken vele leden daarop af. Zij voeren daarbij als argument aan dat de leiding een stalinistische en dictatoriale partij voor ogen heeft. Met de daarbijhorende stalinistische discipline natuurlijk. Dat is ook zo, maar ik had de indruk gehad dat we dat allemaal naastreefden.Maar blijkbaar konden sommige kameraden - wanneer de communistische discipline in de praktijk wordt toegepast - daar niet mee leven. Ze werden door de rest - door hen die bleven - weggezet als burgerlijke defaitisten. Ook het feit dat men als gezin alle inkomsten boven de 16 000 frank (nu 400 euro moest afstaan  aan de partij heeft een grote rol gespeelt in het vertrek van velen). Veel van die jonge mensen waren intussen afgestudeerd en aan trouwen en carrière maken begonnen. Veel van de kameraden die ontslag hebben genomen en de partij verlaten hebben zijn naderhand een mars door de instellingen begonnen. Ze hadden wel sympathie voor de communistische wereldvisie - wat uitmondde in het multiculturalisme - maar meenden dat ze via de instellingen beter resultaten konden bereiken. Dit zonder het volgen van de ijzeren discipline die ons werd opgelegd. Ze kregen gelijk. Ze zijn in de structuren van de maatschappij geïnfiltreerd. En wat belangrijker is, ze hebben via het onderwijs de nieuwe generaties gekneed en gesmeed.
 
Toen we uitgediscussieerd waren over Lenins werk "Wat te doen?" bleef er dus maar een fractie van de oorspronkelijke aantal leden en sympathisanten van de organisatie over. Maar het is een keiharde fractie, een militair-politiek, ideologisch commando. We zijn leden van een echte communistisch-leninistische partij geworden. Geen discussiegroep meer waar men vrijblijvend grote betogen kan houden zonder de praktijk van de klassenstrijd te moeten voeren. De echte strijd kon dus beginnen. Er worden cellen opgericht rond fabrieken. Ikzelf was al vlug celleider in de fabriek waar ik werkte en tevens lid van andere cellen rond andere fabrieken. Zo kun je leren van de strijdmethode in een andere fabriek en kunnen anderen leren van je eigen activiteiten. In marxistisch jargon heet dat: "van de massa naar de leiding en van de leiding naar de massa".
 
Aan fabrieken pamfletten verspreiden, pamfletten schrijven, de werken van Mao, Lenin en Stalin bestuderen, op huisbezoek gaan bij sympathiserende arbeiders om te weten te komen wat er in de fabriek leeft. Rapporten schrijven over je eigen kameraden die lid zijn van je cel en over de enquêtes bij sympathisanten, vergaderen… "Door de klassenstrijd centraal te stellen doet men aan revolutionaire opvoeding" ... zo noemen we dat. Ik maak mij lid van het ABVV (de socialistische vakbond) in opdracht van de partij en wordt daar heel actief. Als partijlid beslis je niet zelf van welke organisaties je lid wordt, de partij beslist voor jou. Jij voert dat uit. Dat noemen ze "democratisch centralisme". Wie bezwaren heeft, moet ze schriftelijk indienen en ondertussen taken uitvoeren. Ik laat mij op bevel van de partij verkiezen tot vakbondsafgevaardigde op mijn werk. Dat is niet moeilijk, de collega’s noemen mij al Mao en hebben respect voor mijn syndicale inzet. "De strijd op alle commandoposten voeren en het maoïsme als leidraad nemen", zo heet dat. Ik zal met mijn cel vijf stakingen in vier jaar tijd organiseren, alleen al in de fabriek waar ik werk.
 
De spanningen tussen mij en de directie lopen daarbij zo hoog op dat deze beslissen voor mij een apart gebouw te bouwen op het fabrieksterrein. Daar mag ik 8 uur per dag recht staan en niets doen. In opdracht van de partij maak ik er een propagandalokaal van. Ik hang het vol met posters van Lenin en Mao. De directie trekt de affiches elke nacht af, ik heb door de partij een eindeloze toevoer en hang ze telkens opnieuw op. Een zinloos kat-en-muisspel, maar ik kan niet anders. Het is een bevel van de partij. Doe ik het niet, dan zal ik verklikt worden.

Ik haal mij een stoel uit de eetzaal en begin van ‘s morgens tot de ‘s avonds te lezen. De bazen komen hoogst persoonlijk de stoel waarop ik zit daarop ettelijke keren van onder mijn kont weghalen. Tot ze het beu zijn. Ik moet zelf geen stoel meer halen, mijn collega's doen dat voor mij. De wet op de werking van de syndicale delegees geeft mij het recht om in de fabriek rond te lopen om met onze vakbondsleden te praten. Maar voor ik mijn kot mag verlaten moet ik eerst telefonisch de directie verwittigen. Als ik  dan uit mijn kotje kom, krijg ik direct het gezelschap van een ingenieur of ploegbaas die mij op de voet volgt. Er durft niemand meer tegen mij te praten of klachten te uiten. Ik ben totaal geïsoleerd geraakt. Dat was de bedoeling van de directie en het lukt haar. Een kapitale fout daarbij is dat ik een loon krijg met alle premies voor ploegwerk zonder dat ik in ploeg moet werken. De vakbond had dat tegen mijn wil - en die van de partij - bedisselt met de bazen. Dat wordt nu tegen mij gebruikt. Ik en mijn gezin hebben er toch niks aan, ik moet toch alles boven de 400 euro afgeven aan de partij. Maar daar hebben mijn collega's geen oren naar. Wie is nu zo gek om dat te doen, vertellen ze mij? Dat is wat ook mijn echtgenote mij elke dag weer verwijt. Maar zij krijgt dan van mij en van mijn kameraden een les in proletarische opvoeding. Het geeft een boost aan mijn prille huwelijk. Een tikkende tijdbom.
 
De vakbondleiders in Oostende willen mij een kans geven. Ik mag van hen naar de arbeidershogeschool en het ABVV zal mij een loon betalen. Ze zeggen dat mijn inzet voor het socialisme op een productievere manier kan. Dat revolutionaire gedoe moet ik nu maar als een voorbije fase in mijn leven zien. Ik leg dat voor aan de partijcel en die op haar beurt legt het voor aan de hogere leiding. Ik krijg thuisbezoek van twee vrouwelijke politieke commissarissen (door de leiding aangeduid om mij te ondervragen).

Het feit dat ik nog maar gehoor heb durven te geven aan zulke defaitistische praat van "sociaalfascisten" (zo noemen we in die tijd de sociaaldemocraten van de vakbond) toont aan dat ik een rechtse en burgerlijke afwijking heb. Dat is eens wat anders dan kanker, denk ik.

De vakbondsleiders van hun kant denken dat ik beïnvloed ben door hun praat en bieden mij aan om een tussenkomst te houden op het volgende nationale congres van de algemene centrale van het ABVV. Zij zullen voor alle veiligheid zelf een tekst schrijven, zo laten ze me weten, zodat ik niet over mijn woorden struikel. De echtgenote van Allende woont het congres bij. Haar man is kortgeleden vermoord door een pro-Amerikaanse junta.
 
Ik moet aan de partij bewijzen dat ik niet toegeef aan het defaitisme. En de tussenkomst op het congres is het moment waarop ik mijn trouw aan de partij kan confirmeren, zo luidt het bevel. "Door kritiek en zelfkritiek je opvoeding ter hand te nemen", "de massalijn door de partij uitgezet trouw volgen", "de revolutionaire commandopost niet verlaten", zo noemen ze dat.

Ik geef een vlammende toespraak op het congres en trouw aan de partijlijn beweer ik - ondertussen is de door de vakbond geschreven tekst in mijn zak weggestopt - dat de vakbondleiders, die op het podium eerst nog zitten te glunderen, mede verantwoordelijk zijn voor de dood van Allende.

Omdat sociaaldemocraten nooit bereid zijn de proletarische en gewapende revolutie te voeren en zo de kans geven aan de Reactie om onze mensen te vermoorden. De echtgenote van Allende valt mij om de hals. De vakbondstop kijkt vijandig en nijdig in mijn richting.

De partij is tevreden. "De revolutie op het voorplan zetten. Het marxistisch-leninistische denken van Mao Tse Toeng studeren en toepassen, het revisionisme bestrijden" zo luidt het.
 
Een paar weken later word ik op het kantoor van de directeur van de fabriek geroepen. De plaatselijke vakbondsleider van zowel ACV als het ABVV zitten broederlijk naast de directeur. Met veel plezier vertellen ze mij dat ik kan ophoepelen uit de fabriek en dat de vakbond de directie alle steun geeft. Als ik buiten het kantoor stap om mijn collega's op te roepen om mij te steunen, staan er al twee BOB’ers en vier rijkswachters te wachten en word ik in handboeien naar buiten gesleept. Exit werk en exit vakbond. Weg loon of uitkering, want buitengesmeten om zwaarwichtige redenen.
 
De partij is niet onder de indruk. "De inzet van onze kameraden is een bewijs van de slagkracht van de gedachten van Mao Tse Toeng en de partijlijn van AMADA", is de commentaar.

Nadat we de dag erna met een commando de fabriek binnenvallen en alles platleggen krijg ik ook nog een schadeclaim van tien miljoen Belgische frank aan mijn broek. Dat is nu nog veel maar in die tijd kon je daar vier huizen mee kopen. Door de jarenlange strijd - ook in mijn gezin - en de steeds grotere druk van de partij ben ik volledig opgebrand. Ik ben bijna 25 jaar en een staatsvijand. Ik heb zoveel stakingen in de laatste jaren georganiseerd, en dat in verschillende bedrijven en over heel Vlaanderen, dat de BOB politieke sectie in mij een absoluut gevaar ziet. Ik zal nergens meer werk vinden en de partij krijgt het in het hoofd om - juist nu - van mij te eisen dat ik een nieuwe proefperiode als lid moet doen om aan te tonen dat ik een goede communist ben. Daar was mijn kritiek tijdens en na een bezoek aan Albanië niet vreemd aan.
 
De leiding is bezig met een rectificatiebeweging. Iedereen moet terug naar af, buiten de grote bazen dan. Het komt eigenlijk neer op een gestuurde zuivering.

"Een rectificatiebeweging heeft tot doel de leden op te voeden en door de opvoeding de klassenvijanden die in de partij geïnfiltreerd zijn op te sporen en te vernietigen." "Iedereen is gehouden aan de campagne mee te doen vermits iedereen afwijkingen heeft." "Oude en misvormde wereldopvattingen krijgen de boventoon als men ook niet binnen de partij de revolutie voert", zo noemen ze dat. "Strijd tegen de eigen burgerlijke wereldopvattingen is een garantie tot je proletarische omvorming."

Ik ben al een proleet vanaf mijn geboorte. Ik geef daarop kritiek op de leiding en op de partij. U moet weten: ik zit dan zonder werk of uitkering en dus zonder inkomen. Allemaal in dienst van de partij. En nu ben ik ook, net als anderen binnen de partij, mijn lidmaatschap kwijt tot ik een proefperiode gelopen heb. Een grotere en moreel zwaardere klap kan men zich niet indenken. Het grenst aan sadisme. Ik ga naar Ludo Martens, mijn kameraad en leider, zo denk ik. Ik beklaag mij dat ik alles opgeofferd heb aan de partij en nu in de kou blijf staan.

Die schrijft daarop een rapport over ons gesprek “De crypto-fascistische gedachten van het lompenproletariaat en de zaak van kameraad Donald”. Donald is mijn partijschuilnaam. In het communistische beschuldigingsjargon bestaat er niks dat zwaarder weegt dan verweten worden een door het fascisme besmette lompenproleet te zijn. Een dergelijk individu is niet meer op te voeden, hij is een te doden klassenvijand. Ik was van vandaag op morgen een fascist geworden, werd uit de partij gezet. Voor de overheid ben ik een staatsvijand, voor mijn communistische ex-kameraden een vijand van het internationale proletariaat. Ik was 24 jaar oud. Zoals het AFF dikwijls schrijft als ze het over mij hebben, il faut le faire.

 

Eddy Hermy

De naam kent verder een bewogen geschiedenis. Ooit was Eddy Hermy de jongste vakbondsdelegee van het land, later actief in diverse organisaties. Hij heeft consequent de dissidente rol opgenomen namens het proletariaat, wat hem vaak niet in dank werd afgenomen. Afgezien van dat dit Eddy Hermy tot een van de meest controversiële figuren van het land maakt, heeft hij er zelden naast gezeten. Zijn voorspellingen over de EU, de N-VA en de economische crisis zijn de laatste jaren allemaal uitgekomen.

N-SA

  • Over Ons
  • Meedoen
  • This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.
  • +32(0)476/39.83.66
  • Inloggen

Info

Web 2.0

Hou het laatste nieuws bij!

RSSFacebookTwitter